DE HEL VAN HET ZUIDEN

28-07-2014 08:05

DE HEL VAN HET ZUIDEN

Het wordt even stil als we uitblazen op het Sarinda-terrasje in Mymensingh en van een Bengaals ijsje proeven. Waarschijnlijk gaan de gedachten naar de vele mensen in de slums die we daarnet tijdens de wandeling langs de Brahmaputra in de ogen keken. “…waar leven die mensen dan?” vraagt er ene “…wonen die daar echt in?” wijzend naar de vreemde koterij in patchwork van plastiek en karton , gerecycleerde gedrochten van opgeknoopte miserie in jute en ijzerdraad. De sterretjes in de ogen van de slumkinderen lichten op als zij op onze dure fototoestellen worden gedownload. “Dèkké, dèkké, mogen we even kijken?” kirren de zwarte drommels als zij de digitale versie van hun oeverloze armoede zélf ook eens willen zien. In dit hellegat langs deze dansende rivier is kommer en kwel de regelmaat. Mijn slecht gekozen beleefdheidszinnetje ‘Kémon achen?” wordt door een grauwe sari weggewuifd met ‘Ballo na, niet goed of wat dacht je hier in deze shit?” Tien stappen verder loopt haar twaalf-maand-ertje  te trappelen in een spuwende afvoergoot. In deze chaotische nachtmerrie wordt op een zwarte plastiek  een geslachte stier tot karbonaden gehakt. De machette timmert virtuoos de klompen vlees tot  hapklare brokken in een plas van bloed en rood. Het slagerzoontje trotseert met verve het sleurwerk van het achterkwartier. Onze megabites slikken de barokke scène met verstomming. Enkele krotten verder etaleert een straatventer zijn artistieke kwaliteiten bij het toveren van suikerpoppetjes en flowerlollies .Zijn plakkerige vingers boetseren suikerdraden tot smaakvolle fantasietjes.  Op de vuilnisheuvel tegen de rivier plukken kinderen wat plastiek. In dit god-vergeten-gat ligt de rijkdom voor het grijpen. De grote baal plastiek van 20 kilogram brengt hier 200 takas op, onze ijsjes kosten 600…

Luc